Rapportage - Hoe worden variabelenamen weergegeven in de export?
Vraag: Hoe worden variabelenamen weergegeven in de export?
Antwoord: Als u zelf variabelenamen creëert, gebruikt NETQ deze in de export. Als u de variabelenaam leeg laat, creëert NETQ zelf variabelenamen in de export. Deze zien er bijvoorbeeld als volgt uit (v1 staat hier voor vraag 1, etc.):
• Enkele keuzevraag: v1
• Meerkeuzevraag: v2_A, v2_B, (voor elke antwoordoptie 1), v2_B1 (voor 'anders, namelijk'-tekstveld)
• Open vraag: v3
• Matrixvraag enkele keuze: v4_A, v4_B, v4_C (voor alle subvragen een aparte variabele)
• Matrixvraag meerkeuze: v5_A1, v5_A2 (1e subvraag met 2 antwoorden), v5_B1, v5_B2 (2e subvraag met 2 antwoorden)
• Combinatievraag met enkele keuze: v6_A1 (cel van 1e rij met 1e kolom), v6_A2 (cel van 1e rij met 2e kolom), v6_B1 (cel van 2e rij met 1e kolom), v6_B2 (cel van 2e rij met 2e kolom
• Combivraag met meerkeuzevragen: v7_A1A (cel van 1e rij met 1e kolom, 1e antwoordoptie), v7_A1B (cel van 1e rij met 1e kolom, 2e antwoordoptie) etc.
Als u zelf een naam creëert, zal NETQ er letters en cijfers aan toevoegen voor de verschillende subvragen en/of antwoordopties.
Het kan gebeuren dat NETQ een naam aanmaakt die hetzelfde is als een naam die u zelf had aangemaakt voor een andere vraag. Bij de export geeft NETQ dan een foutmelding dat de variabelenaam al bestaat. U zult dan één van beide variabelenamen moeten veranderen.
In het exportbestand, bij het tabblad variabelen, kunt u zien welke variabelenaam hoort bij welke vraag.
In paragraaf 11.3.1.1. Werkblad Variabelen kunt u meer hierover lezen.